Dit voorjaar is het weer PROEFTIJD!»
* * * * * * * * * * (10 sterren)
De Wereldband kan met recht aangemerkt worden als de nieuwe Nederlandse muziektheatersensatie. De groep van zes hoogbegaafde multi-instrumentalisten bestaat weliswaar al twaalf jaar en is reeds bezig aan haar derde avondvullende productie, maar het lijkt er op dat muziek- en theaterminnend Holland langzaam in de gaten begint te krijgen dat er iets heel bijzonders op de vaderlandse podia tot wasdom aan het komen is.
Vrijdag stond Wereldband in Ogterop op de planken met hun nieuwe programma Kopmannen in een vergevorderde try-out fase. Kopmannen komt wat aarzelend op gang en gunt het publiek de tijd om te wennen aan het overwegend witte decor, de muzikanten en de scene op het toneel. Het geheel speelt zich af in een ouderwetse psychiatrische kliniek die doet denken aan de omgeving van de film One Flew Over The Cuckoo’s Nest. De muzikanten bewegen zich in dwangbuizen en in de virtuele slaapzaal staan her en der verrijdbare en kantelbare bedden die veelvuldig en slim gebruikt worden bij decorchangementen.
Muziek is de belangrijkste factor in Kopmannen, maar er is bijna evenveel aandacht besteed aan beweging, visuele effecten en variétéaspecten. De choreografie voorziet in lullige dansjes, maar evenwel in pure acrobatiek en in het totaal is dat prima in balans. Droogkomische momenten worden afgewisseld met ontroerende muzikale momenten. De wisseling van de vele instrumenten is soms duizelingwekkend, maar oogst uiteindelijk veel respect omdat alle individuele leden erg vaardig zijn op veel verschillende muziekinstrumenten. De arrangementen hoppen naadloos van muziekstijl naar muziekstijl, alsof het allemaal weinig moeite kost. Absolute hoogte punt is de scene waarin alle Wereldbandleden zwaar gemankeerd met hun instrument het toneel opkomen en alleen maar een muziekstuk ten gehore kunnen brengen middels het overnemen van elkaars manuele functies. Het oogst een lang, luid en welgemeend applaus van het overdonderde publiek. Ook het lange laatste nummer waarin een gevoelige Argentijnse tango overvloeit in Japanse kododrums en via jaren zeventig fusion weer terug komt bij de tango is indrukwekkend. Nee, eigenlijk vallen er geen dips in het programma te bespeuren.
Verwondering en diep respect is wat achterblijft na het zien van Kopmannen. Hogeschool muziektheater dat enkel uitverkochte zalen verdient. Valt er dan niks aan te merken? Jawel. Het ontbreken van een goede, opvallende individuele zangstem, misschien. In de vorige programma’s zaten virtuoze en subtiele percussiearrangementen met huishoudhandschoenen en koffiebekertjes. Zoiets dergelijks ontbreekt in Kopmannen, al komt de drumpartij op de bedbodems een beetje in de buurt. Het programma is kort, een dikke vijf kwartier, maar in die tijd wordt wel de volledige concentratie en focus van alle muzikanten gevraagd en dat is niet te onderschatten.
Meppel is vrijdagavond getuige geweest van een nieuw vaderlands fenomeen op muziektheater gebied. Vijfentwintig jaar geleden gingen de befaamde Mini & Maxi de hele wereld over en werden en icoon, een naam die met veel respect werd uitgesproken. Wereldband gaat dezelfde kant op. Welke kant gaat die band op? Nou, de wereld.